Opgebrand.

Opgebrand.

10 januari 2020 Blog 0

Je kunt niet opgebrand raken, als je nooit gevlamd hebt.

“Wat ik doe is mijn lust en mijn leven, maar ik merk nu dat ik er echt doorheen zit, dat de energie weg is en dat ik met een burn-out te maken heb”, aldus Marco Borsato. Geciteerd uit een persbericht dat MOJO gisteren (09-01-2020) naar buiten bracht.

De afgelopen maanden kwam naar buiten dat 3fm-dj Rámon Verkoeijen wegens persoonlijke omstandigheden rust moest nemen. Even daarvoor maakte 538-dj Coen Swijnenberg kenbaar: “De batterij is leeg en mijn lijf heeft aan de noodrem getrokken”. En begin november kwam Stefan Jurriëns van StukTV met het statement: “Ik heb besloten om te stoppen met werken en om te stoppen met social media. Even tijd voor mezelf. Even offline. Wanner ik precies terug kom kan ik op dit moment nog niet zeggen”. In 2017 maakte Bibi Breijman kenbaar een burn-out te hebben. Na het posten van een filmpje hierover op YouTube kreeg ze veel kritiek over haar heen. Er was weinig begrip voor het maken van een filmpje over het hebben van een burn-out door het maken van filmpjes. Het besef dat YouTubers gigantisch hard werken, is helaas nog niet helemaal ingeburgerd.

Ook Jan Smit heeft vanaf november vrij genomen tot zeker begin 2020. Ondanks dat hij zelf aangeeft dat het gaat om lichamelijke klachten, benoemt hij ook dat hij voor zichzelf moet kiezen en opnieuw moet opladen. Gerard Joling heeft in de media uitgesproken dat hij vermoed dat het hier ook om een burn-out gaat. En onlangs bracht oud-radio dj Patrick Kicken een boek uit genaamd: Leven zonder Stress, waarbij zijn burn-out de aanleiding is geweest tot groei en nieuwe inzichten. Maar voor hij groeide moest hij eerst instorten: “Ik zie mezelf nog zitten thuis op de bank: moe, boos en ongelukkig. Ik kwam amper buiten. Als de personeelsmanager alleen maar belde kreeg ik al letterlijk hartkloppingen. […] Ik had gewoon hevige paniekaanvallen in die tijd; het voelde alsof mijn lichaam ermee ophield. En niet alleen mijn lichaam: álles hield ermee op.”

Artiesten. Muzikanten. DJ’s. Radio dj’s. Presentatoren. Youtubers. Social Influencers. Producers. Acteurs. Schrijvers. De meest succesvolle onder hen hebben het klaargekregen om te kunnen leven van hun passie. Ze doen wat ze het allerleukst vinden en dat doen ze goed. En toch lijkt er voor deze groep mensen een dag te komen dat ze op zijn. Ze zijn leeg. Ze zijn opgebrand. Ze hebben een burn-out. Hoe kan dat? Hoe kun je een burn-out krijgen als je elke dag mag doen wat je het allerliefste doet? Hoe kan het zijn dat artiesten in een burn-out komen?

Om hier antwoord op te geven is het belangrijk om eens uitgebreider te kijken naar de term burn-out. Een burn-out is geen psychische diagnose zoals een angststoornis of een depressie. Burn-out wordt nog altijd gezien als een ‘staat van zijn’ en niet als een stoornis of een ziekte. Maar wat is een burn-out dan wel? De meest gehanteerde definitie van een burn-out is geformuleerd door Maslach en Jackson (1981):

Burn-out is een staat van emotionele uitputting (geestelijke vermoeidheid), depersonalisatie (een cynische en onverschillige houding t.a.v. het werk) en verminderde persoonlijke bekwaamheid (twijfel aan het eigen vermogen om goed te kunnen werken).

Klachten die mensen hebben zijn zeer veelzijdig, zoals piekeren, huilen, moe, veel slapen of juist weinig slapen, veel eten of juist weinig eten, zweten, hoofdpijn, buikpijn, een slechte concentratie, een laag zelfbeeld, twijfelen, neerslachtig. Meestal is er sprake van een mix van cognitieve, emotionele en fysieke klachten.

Uit cijfers van Arbobalans 2018 (CBS/TNO) komt naar voren dat er in Nederland al geruime tijd sprake is van een stijging van burn-outklachten. In 2007 had 11,3% van de werknemers burn-outklachten en dat is gestegen naar 16,1% van de werknemers in 2017. Opvallend is dat in diezelfde periode de autonomie van werknemers is gedaald en de taakeisen zijn gestegen. Het CBS/TNO geven deze factoren dan ook als verklaring van de stijging van burn-outklachten.

Dat taakeisen en autonomie verband kunnen hebben met een burnout is te herleiden van het bekende Job Demands-Control (JDR)- model van Karasek (1979).

Afbeelding met schermafbeelding

Automatisch gegenereerde beschrijving
Het JDR-model (Karasek, 1979)

Je ziet in het model dat de hulpbronnen (waar autonomie er een van is) en de taakeisen kunnen variëren per functie. Ook duiden de ‘etc’ aan dat er meer hulpbronnen en taakeisen kunnen zijn dan hier benoemd.

Als we terug komen op de vraag waarom artiesten toch in een burn-out terecht kunnen komen is het relevant om te kijken naar hun hulpbronnen en hun taakeisen. Wat er gebeurd wanneer mensen succesvol worden in het uitoefenen van hun passie, is dat er in eerste instantie geen sprake is van de noodzaak van hulpbronnen of taakeisen. In feite is het bevlogenheid die leidt tot prestatie. Dit zie je in de laatste twee vakken van het model terug. Je ziet dit vaak het artiesten die hun eerste album maken of bij YouTubers die vanuit een bepaalde interesse hobbymatig filmpjes maken, monteren en uploaden. Pas op het moment dat de prestatie stijgt (middels omzet stijging, meer views of volgers, een platencontract, bookingen, gecast worden, etc.) ontstaan er taakeisen zoals deadlines en andere verantwoordelijkheden en dienen artiesten een beroep te doen op hun hulpbronnen.

Werkdruk

Een heel belangrijke kenmerk van taakeisen die artiesten ervaren is het continue doorgaan. De werkdruk van veel succesvolle artiesten blijft de hele dag door aanwezig. Je hebt geen 9 tot 5 baan. Aanvragen komen ook ’s avonds binnen en deze moet je grijpen als ze er zijn. Je kunt op elk moment van de dag iets posten op social media om je imago te verbeteren of je bereik te vergroten. Je kunt het product (jezelf) op elk moment van de dag verder ontwikkelen. Aan muziek maken of schrijven zit geen tijd gebonden en is ‘nooit klaar’ en als acteur kun je altijd je tekst nog beter leren. Dit zijn aspecten die maken dat je mentaal als artiest de hele dag met je werk bezig kan zijn. Daarnaast, wanneer er sprake is van publieke bekendheid, word je ook nog eens continue buitenshuis geconfronteerd met je werk, doordat mensen je herkennen en met je op de foto willen.

Creativiteit op commando

Een ander aspect van de veranderde taakeisen wanneer je succesvol wordt is dat er een druk ontstaat om te presteren. Een druk die er vaak niet is wanneer je nog niet succesvol bent omdat er weinig verwachtingen zijn en weinig mensen afhankelijk van je zijn. Maar op het moment dat je succesvol wordt dan wordt er van je verwacht dat je creatief presteert onder hoge druk. En creativiteit en hoge druk gaan lang niet altijd hand in hand. Hierdoor wordt er mentaal en emotioneel veel van je verwacht. Niet alleen succesvol worden brengt druk om te presteren met zich mee. Ook succesvol blijven kan tot grote druk leiden. Als je, zoals Marco Borsato, aan het plafond zit qua succes in de Nederlandse muziekindustrie, kun je alleen maar dalen. En dalen voelt nooit prettig.

Neil Young had in zijn nummer Hey hey, my my de zin: “It’s better to burn out than to fade away”. Waar hij doelde op de uitdaging om artistiek te overleven bij groot succes.

Autonomie

Als we kijken naar de hulpbronnen dan lijkt het alsof artiesten, van alle beroepen die er bestaan, het meest autonoom zijn. Want artiesten doen toch precies wat ze willen? In de praktijk klopt er weinig van dat beeld. Veel artiesten streven naar artistieke vrijheid, maar als ik artiesten spreek die in een burn-out zitten is toch wel het gebrek aan vrijheid en het gebrek aan autonomie de meest benoemde klacht.

Feedback

Een ander belangrijk probleem bij artiesten is de manier waarop zij feedback ontvangen over hun werk. In de kunsten is de beoordeling van je werk vrij subjectief. Ondanks dat er aan zang, dans en muziek een technische kant is, is het vaak ook een kwestie van smaak. En daarbij zijn de beoordelaars (het publiek) lang niet altijd zo kundig om een gedegen oordeel te geven. Wanneer doe je het als artiest goed? De beoordelaars die wel kundig zijn, zoals collega’s en andere vakmensen hebben daarentegen vaak eigen belangen die voor of tegen de artiest werken. De manier waarop feedback wordt gegeven (veelal indirect via social media) is daarbij nog een probleem an sich. De eenvoud waarmee kritiek over een artiest op social media wordt geplaatst is niet te vergelijken met de feedback die een reguliere medewerker in een bedrijf zou krijgen. Daarbij heeft een artiest altijd toegang heeft tot deze bron van informatie en met name wanneer een artiest zich labiel of onzeker voelt helpt het niet om negatieve comments te gaan lezen.

“Gaat het weer over mij”

Als laatste veelvoorkomend probleem is het gebrek aan sociale steun. Er zijn maar weinig artiesten waarbij het sociale netwerk niet is veranderd in de groei van hun succes. Er ontstaat achterdocht bij de intentie van vriendschappen vanuit artiesten en er ontstaan foute motieven bij mensen in de omgeving van de artiest om contact te zoeken. Ook is er zoiets als jaloezie waardoor mensen geen gehoor meer geven en door het drukke werkschema van veel artiesten vervagen contacten. Maar als een artiest dan nog altijd lieve mensen om zich heen heeft, heeft de artiest nog steeds moeite met het uitspreken van zijn eigen zorgen en het zoeken van sociale steun. Want ogenschijnlijk gaat het goed met artiesten, want ze doen het goed. Ze behalen successen en dat is wat anderen zien. Het is heel erg lastig om tegen mensen te zeggen: “Het gaat niet goed met me!”, nadat deze mensen tegen jou zeggen: “Het gaat lekker, hè!”. Ook hebben veel artiesten het gevoel dat er al zoveel aandacht naar hen gaat. In het gezin draait het al vaak om hen en om dan weer de aandacht op jezelf te richten door neer te leggen dat het niet lekker gaat voelt voor veel artiesten als een extra drempel.

De oplossing!

Als we dan kijken naar wat artiesten kunnen doen om een burn-out te voorkomen of te genezen, is het zaak om al deze bovenstaande aspecten aan te pakken. Daarnaast is het de kunst om meer hulpbronnen toe te voegen. Zoals je in het model ziet zijn er ook persoonlijke hulpbronnen die je met de juiste ondersteuning kunt vergroten. Denk hierbij aan je eigenwaarde en zelfvertrouwen vergroten, je eigen effectiviteit vergroten en een gezonde manier vinden in het omgaan met stress en druk.  Het is belangrijk te beseffen dat het zijn van een artiest hetzelfde is als het hebben van een bedrijf. Om je ‘bedrijf’ optimaal te laten presteren is het noodzaak om te investeren in je mentale gezondheid.

Een aantal adviezen zijn:

  • Voldoende rust en tijd voor bezinning en zelfreflectie
  • Het ontdekken van je grenzen zowel vakinhoudelijk als in je omgang met publiek en deze grenzen leren uitdragen
  • Leren om te presteren onder druk
  • Het ontwikkelen en onderhouden van een gezond sociaal netwerk
  • Openheid creëren binnen je professionele team over jouw mentale welzijn.

En dan gaat het toch mis

De bovenstaande tips en adviezen, blijven enkel tips en adviezen. Want als je in een burn-out terecht komt: er is geen medicijn. Er is geen pilletje die het vuur weer laat branden. Het enige wat ik weet is dat het tijd nodig heeft. Tijd. Tijd om weg te stappen van het moeten. Onvoorwaardelijke tijd. Want zelfs de gedachten aan wanneer je ‘tijd op is’ werkt vaak averechts. Terug naar je bron. Naar de passie en enkel en alleen doen wat vanuit jezelf komt. Wat jij wil. Waar jij energie voor hebt. Mogelijk is dat niets, maar misschien is dat juist voor heel veel, maar net niet dat ene. En dat vraagt lef. En elke kleine beetjes lef zullen dan uiteindelijk weer leiden tot leven. Mocht je wensen, dan leef in in dat proces met je mee.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *